| # | inventaris | item | datum |
|---|---|---|---|
| 2801 | DC.1/23.0.0 | Opsomming van allerlei inkomsten (voornamelijk renten) voor een totaalbedrag van 95.608 gulden. | 01-01-1682 31-12-1682 |
| 2802 | DC.1/24.0.0 | Opsomming van allerlei inkomsten (voornamelijk renten) voor een totaalbedrag van 45.990 gulden. Enkele vernoemde debiteurs waren: postmeester Roelants (kapitaalrente van 24.000 gulden op zijn huis op het Kipdorp te Antwerpen), Gillis Huysmans (kapitaalrente van 4.000 gulden op zijn huis Den Rooden Leeuw in de Schuytstraet te Antwerpen), Jan Baptista Villa (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis S(in)te Quintiens in de Schuttershofstraat te Antwerpen), Norbertus Miertmans en Jacobus Van Breusegem (borg van 8.000 gulden), Cornelis Vande Kerckhoven (kapitaalrente van 3.000 gulden op zijn huis Den Gulden Appel over het klooster van de predikheren te Antwerpen) en Daniël Ryns (kapitaalrente van 1.500 gulden op zijn huis aan het Tappisierspand te Antwerpen). (zie ook DC.1/16.0.0) | /-/1-7400 31-12-1675 |
| 2803 | DC.1/25.0.0 | Onduidelijke nota betreffende de verkoop van renten van de koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684). | 25-04-1675 25-04-1675 |
| 2804 | DC.1/26.0.0 | Opsomming van allerlei inkomsten (voornamelijk renten) voor een totaalbedrag van 45.000 gulden behorende tot de nalatenschap van Anna Maria Macquereel (+ 1661) ten gunste van Isabella de Coninck (geestelijke dochter) en Johannes Franciscus de Coninck (° 1655 - priester). | 01-07-1682 01-07-1682 |
| 2805 | DC.1/27.0.0 | Afrekening van de notariskosten die de Antwerpse koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) schuldig was aan notaris Ambrosius Sebille, betreffende de akten die werden opgesteld in verband met de nalatenschap van Anna Maria Macquereel (+ 1661) ten gunste van Isabella de Coninck (° 1659 - geestelijke dochter) en Johannes Franciscus de Coninck (° 1655 - priester). | 01-07-1682 09-07-1682 |
| 2806 | DC.1/28.0.0 | Rekenstaat van verscheidene renten voor een totaalbedrag van 30.555 gulden en 13,20 stuivers, behorende tot de nalatenschap van Anna Maria Macquereel (+ 1661). | 01-01-1600 31-12-1699 |
| 2807 | DC.1/29.0.0 | Rekenstaat van verscheidene renten voor een totaalbedrag van 67.400 gulden, behorende tot de nalatenschap van Anna Maria Macquereel (+ 1661). | 01-01-1600 31-12-1699 |
| 2808 | DC.1/30.0.0 | Verzoek van de Antwerpse koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) aan de Soevereine Raad van Brabant met de vraag of zijn zieke en minderjarige zoon, Jacobus de Coninck (1661-1724) reeds actief in het familiebedrijf, een zogeheten 'veniam aetatis' (meerderjarigheidsattest) zou kunnen bekomen zodat deze vrij over diens erfgoederen kon beschikken. | 01-01-1681 31-12-1681 |
| 2809 | DC.1/31.0.0 | Gemeenschappelijke testament van de Antwerpse koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684) en diens vrouw Anna Maria Macquereel (+ 1661), opgetekend door notaris Ambrosius Sebille in aanwezigheid van de getuigen Jan Soijer en Gaspar Verstockt. Zo lieten de erflaters (toen nog kinderloos) in eerste instantie 200 gulden aan de Antwerpse aalmoezeniers na ten behoeve van de huisarmen en wenste zij na hun dood de viering van 300 zielmissen. Voorts golden de stipulaties opgenomen in het huwelijkscontract, dat op 09/05/1654 werd geattesteerd door notaris Daniel Guyot, als uit te voeren erfregeling. De langstlevende had het recht op het levenslange vruchtgebruik en het recht om een testamentaire momboir of voogd te benoemen ingeval het echtpaar met overlevende kinderen zou gezegend worden. | 18-09-1660 18-09-1660 |
| 2810 | DC.1/32.0.0 | Inventaris van de nalatenschap (3.224 Brabantse ponden en 9 schellingen of 12.897 gulden en 16 stuivers) van Anna Maria Macquereel (+ 1661), de eerste vrouw van de Antwerpse koopman/bankier Johan de Coninck (1619-1684). De schatting, ondertekend door Jacques De Loose, geschiedde door Bernaert van Scharenborch en Peeter Herincx, beide gezworen oudkleerkopers, en vond plaats in hun woning in de Antwerpse Dries. | 27-11-1662 27-11-1662 |